Bij een kind met spraak- en/of taalproblemen kan een logopedist de aanwezigheid en ernst van de spraak- en/of taalproblemen in kaart brengen en behandelen. De spraak- en/of taalproblemen zijn echter vaak niet de enige problemen die een kind heeft. Daardoor kan het nodig zijn andere disciplines in te schakelen om de spraak- en/of taalproblematiek in een breder geheel te plaatsen.
Het samenwerken rondom een patiƫnt door verschillende disciplines, met ieder hun eigen denkmodellen en theoretische kaders, wordt multidisciplinair handelen genoemd. In het proces van samenwerking wordt onderscheid gemaakt in multidisciplinaire diagnostiek en multidisciplinaire behandeling. Diagnostische informatie van verschillende disciplines kan in een multidisciplinair overleg leiden tot een gedeelde diagnostische visie, van waaruit een behandelvisie gemaakt kan worden. Het kind in zijn totaliteit staat hierbij centraal. In onderstaand schema zijn ontwikkelingsgebieden van het kind gepresenteerd. Binnen deze ontwikkelingsgebieden wordt een beschrijving gegeven van problematiek die voor kan komen bij een kind met spraak- en/of taalproblemen.
Bepaalde medische problemen, ook wel biologische factoren kunnen relevant zijn voor de spraak-,taalontwikkeling. In de diagnostiek en behandeling van kinderen met spraak-, taalproblemen zijn de medische aspecten daarom ook een relevant onderdeel.
De spraakontwikkeling betreft de ontwikkeling van het klanksysteem van een taal, dat wil zeggen het leren waarnemen en produceren van klanken, zoals die in een bepaalde taal voorkomen. De taalontwikkeling betreft de ontwikkeling van de woordenschat en het verwerven van inzicht in het hanteren van grammaticale en communicatieve regels.
De spraakontwikkeling en taalontwikkeling zijn twee aparte ontwikkelingen die wel grotendeels parallel verlopen, maar niet identiek zijn.
Domeinen binnen de spraak-,taalontwikkeling zijn de Fonologische ontwikkeling
, Semantische ontwikkeling
, Syntactische ontwikkeling
, Morfologische ontwikkeling
en Pragmatische ontwikkeling
.
Motorische ontwikkeling betreft de ontwikkeling van de grove en fijne motoriek.
Grijpen, rollen, zitten, kruipen, staan, lopen, klimmen, rennen, huppelen en fietsen.
Kleuren, kleien, plakken, knippen, schrijven Balans en evenwicht
Psychosociale ontwikkeling is de ontwikkeling van geestelijke vermogens en sociale vaardigheden om goed te kunnen omgaan met mensen en verschillende omstandigheden in het leven.
De kwaliteit van de psychische ontwikkeling van het kind wordt in hoge mate bepaald door hechting, temperament, welbevinden, veerkracht en psychosociale competenties van het kind in relatie met omgevingsfactoren. Sociale ontwikkeling is het proces waarbij een jeugdige in toenemende mate zelfstandig gaat deelnemen aan de omgang met anderen en zich aanpast aan de gewoonten en waarden die gebruikelijk zijn binnen de gemeenschap waartoe hij behoort.
Cognitieve ontwikkeling is het in toenemende mate in staat zijn tot het opnemen, verwerken en weer opnieuw kunnen gebruiken van kennis en informatie.
De cognitieve ontwikkeling kan niet los worden gezien van de motorische ontwikkeling, de sociale ontwikkeling en de ontwikkeling van de spraak en taal.